Logo Universiteit Utrecht

Montaigne Centrum

De opstand van rechters

justitiaPhilip Langbroek

Rechters komen in  opstand tegen de eindeloze reeks veranderingen in de rechterlijke organisatie.  Er is meer aan de hand dan een eenvoudige fusiebeweging; de organisatie is te dominant geworden in het rechterswerk.

Rechters doen inhoudelijk werk. Ze geven oordelen in andermans geschillen. Om dat werk goed te kunnen doen, moeten ze goed zijn opgeleid. Er worden hoge eisen aan hen gesteld. Het rechterswerk is ook heel divers. Een familierechter heeft het inhoudelijk meestal een stuk minder moeilijk dan een handelsrechter. Maar waar die handelsrechter zich kan verdiepen in een moeilijke juridische puzzel, moet die familierechter kunnen omgaan met soms heftige emoties, en die in goede banen leiden. Met de internationalisering en de Europeanisering van het recht, zijn de rechterlijke taken inhoudelijk moeilijker geworden. Dat geldt over de hele linie van het recht.  De Raad voor de Rechtspraak is destijds ingesteld om de noodzakelijke veranderingen in het rechterswerk in goede banen te leiden. Het lijkt er nu op dat Het Ministerie van Veiligheid en Justitie en de Raad voor de Rechtspraak hun hand jegens de rechters hebben overspeeld. (meer…)

Veranderen is van alle tijden

rustRick Verschoof

Deze week realiseerde ik me dat ik zo ongeveer mijn hele beroepsleven te maken heb gehad met veranderingen. Dat begon al toen ik nog bij de UU werkte van 1985 tot 1994. Alleen al in het onderwijs heb ik toen een semestersysteem (2 onderwijsperiodes), een blokkensysteem (5 onderwijsperiodes) en een trimestersysteem (3 onderwijsperiodes) meegemaakt. De meeste collega’s vonden die respectieve wijzigingen destijds een goed idee. Maar ook goede ideeën zijn tijdgebonden. Ik was dan ook niet verbaasd bij mijn terugkeer aan de UU in 2012 een systeem met 4 onderwijsperiodes aan te treffen.

En, opnieuw terug in de tijd, ik was nog maar een paar jaar bij de rechtspraak aan de slag of zeer grote veranderingen kondigden zich aan. Vanaf 1999 heeft de rechtspraak zichzelf in tien jaren enorm geprofessionaliseerd en gemoderniseerd als organisatie. Ik heb als gerechtsbestuurder daarvan tien jaar in de frontlinie gestaan: een gouden tijd om mee te maken en – op bescheiden schaal – mee vorm te geven. (meer…)

Nederlandse hulp voor de Griekse civiele rechtspraak?

crisisgrEddy Bauw

In de verklaring die tijdens de Eurotop over Griekenland op 12 juli na 17 uur vergaderen tot stand kwam, stond één maatregel die minder aandacht heeft gekregen dan de andere (zware) eisen die aan dat land werden gesteld om in aanmerking te komen voor nieuwe leningen (Euro Summit Statement Brussels, 12 July 2015 (SN 4070/15)). Tot de maatregelen die Griekenland moet nemen, behoort:

the adoption of the Code of Civil Procedure, which is a major overhaul of procedures and arrangements for the civil justice system and can significantly accelerate the judicial process and reduce costs”.

Het lijkt op het eerste gezicht opmerkelijk dat een herziening van de procedure bij de civiele rechter zo’n prominente plaats heeft gekregen tussen de opgelegde bezuinigingen en economische hervormingen, zeker in het licht van de hectiek van de discussie tijdens die gedenkwaardige zondagnacht. Wat is het verband tussen deze maatregel en de Griekse schuldenproblematiek? Getuigt het niet van een ultieme Europese bemoeizucht om Griekenland nu ook al het civiele procesrecht voor te schrijven? (meer…)

Moeten we blij zijn met een irritante horzel? Over de querulant en zijn onbedoelde, onvoorziene maar wenselijke functies

francisco_de_goya_y_lucientes_-_the_dream_of_reason_brings_forth_monsters_-_google_art_projectWibo van Rossum

Sinds ik onderzoek doe naar de wrakingsprocedure (publicatie ‘Wraking bottom-up’ in 2012 en huidig lopend onderzoek naar de ‘pilot externe wrakingskamer’) ben ik geïnteresseerd geraakt in de querulant. Querulanten dienen naar mijn idee vaker dan andere burgers een wrakingsverzoek in. Door dat kenmerk worden ze ook deels geclassificeerd. Erhard Blankenburg heeft eerder gezegd dat bij querulanten een verschuiving optreedt van een conflict over de zaak naar een conflict over procedures. De grote klacht van de querulant die ook precies de reden is voor zijn volhardendheid, is dat zijn klachten worden afgewezen door ‘corrupte ambtenaren en rechters’ zonder dat hij een ‘fatsoenlijke kans’ krijgt om zijn verhaal te doen. De procedure legitimeert niet meer, aldus Blankenburg met een verwijzing naar Niklas Luhmann (Legitimation durch Verfahren, Neuwied 1969). De procedure ontslaat ons op een gegeven moment “van de verplichting om over de rechtvaardigheid van normen te moeten bakkeleien” (Blankenburg 2004: 15), terwijl herhaald subjectief ervaren onrechtvaardigheid – perfectie bestaat immers niet in de dagelijkse werkelijkheid van het recht – leidt tot een pathologische klager. (meer…)

Toegang tot Mediation

mediationMarc Simon Thomas

Onlangs verscheen in NRC Handelsblad een stuk van de hand van collega’s Grootelaar en Van den Bos over de nieuwe mediation wetgeving. Afgezien hiervan lijkt het publieke debat rondom mediation echter al enige tijd stil te liggen. Stilte voor de storm, vermoed ik. De door het (toenmalig) kamerlid Ard van der Steur ingediende initiatiefvoorstellen Wet bevordering van mediation in het burgerlijk recht, Wet registermediation en Wet mediation in het bestuursrecht zijn weliswaar ingetrokken, maar de regering heeft aangegeven zelf wetsvoorstellen inzake bevordering van mediation in te dienen. Hoogstwaarschijnlijk vormt dat dan weer een aanleiding voor een nieuwe stroom artikelen in kranten, vakbladen en tijdschriften. Een vermoedelijk terugkomend thema daarbij zal de “eigen verantwoordelijkheid” en “zelfredzaamheid” van burgers zijn. Maar eigenlijk, zo betoog ik in deze blog, dwingt de onmiskenbare meerduidigheid van deze begrippen ons tot een reflectie op de toegang tot mediation. (meer…)

Rechterlijke onafhankelijkheid voorlopig gehecht

ehrmLeonie van Lent

Zoals het een centrum van onderzoek naar rechtspleging betaamt, zijn in eerdere blogs al prangende vragen over de kwaliteit van de rechtsstaat en het functioneren van de rechterlijke macht de revue gepasseerd. Als er een onderwerp is waarin de hedendaagse pijnpunten van de Nederlandse rechtsstaat samenkomen, is het wel de voorlopige hechtenis. Hier werken het politieke veiligheidsdenken, het politiseren van de rechtsstatelijke waarborgen (Alex Brenninkmeijer, ‘Stresstest rechtsstaat Nederland’, NJB 2015, afl. 16, p. 1049), en publieke opinie op een bijzonder pijnlijke manier in op de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, die kritische toetsing en de onschuldpresumptie moet waarborgen. (meer…)

Conferentie over Procedurele Rechtvaardigheid en de Rechtspraktijk

meeting-311355_960_720Lisa Ansems

Op 10 april jl. vond de door het Montaigne Centrum georganiseerde internationale conferentie over procedurele rechtvaardigheid en de rechtspraktijk plaats. Gasten en sprekers, ook van (ver) buiten Utrecht, verzamelden zich rond 10:00 uur ’s ochtends op een erg toepasselijke locatie: een van de rechtszalen van de Rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht. Na een kort welkomstwoord door Miranda Boone werd de bijeenkomst officieel geopend door Ton Hol. Hij plaatste het thema procedurele rechtvaardigheid in de context van de overgang van de Verlichting, waarin beslissingen legitimiteit konden ontlenen aan verwijzing naar algemene regels, naar de Romantiek, waarin de samenleving om een meer individuele benadering vraagt. (meer…)

Geen dwangsom bij een veroordeling tot betaling van een geldsom …

boxTon Jongbloed

De dwangsom is in 1933 in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering opgenomen en heeft in 1978 een verjongingskuur ondergaan waardoor het recht in België, Luxemburg en Nederland op dit punt gelijk luidend is. Het onderwerp dwangsom is nauw met het Molengraaff Instituut voor privaatrecht in Utrecht verbonden. Professor S.N. van Opstall (hoogleraar van 1 maart 1955 tot 1 september 1972) sprak een oratie uit getiteld `Enkele opmerkingen over de dwangsom’ en schreef in 1961 voor de  Vereniging voor de vergelijkende studie van het recht van België en Nederland een Preadvies betreffende de regeling van de dwangsom in het Nederlandse recht. Zelf ben ik al jaren in dit indirecte executiemiddel geïnteresseerd. Aanvankelijk wilde ik mijn proefschrift hieraan wijden (maar het onderwerp was al geclaimd door een Amsterdams advocaat die er nooit serieus werk van gemaakt heeft) en later heb ik artikelen, boeken en noten hierover geschreven. (meer…)

Onderzoeksrapport ‘Toegang tot het recht – een actueel portret’

algemene_politieke_beschouwingen_in_eerste_kamer_10553669036Hilke Grootelaar

Zoals vorige week weer eens in de Tweede Kamer bleek: de bezuinigingen op het stelsel van rechtsbijstand staan volop in de belangstelling. Gelukkig maar, omdat het hier uiteindelijk gaat om de kwaliteit van de rechtsstaat. In de afgelopen jaren zijn er diverse overheidsmaatregelen genomen die gevolgen hebben voor de toegang tot het recht. Dit heeft geleid tot maatschappelijke discussie op verschillende fronten. De Eerste Kamer organiseerde op 4 februari 2014 een deskundigenbijeenkomst met gezaghebbende juristen en daaropvolgend op 11 maart 2014 een debat over de staat van de rechtsstaat. Als iets duidelijk werd uit de deskundigenbijeenkomst en het debat, dan was het wel dat er een breed gedragen gevoel leeft dat de kwaliteit van de rechtsstaat in Nederland momenteel onder druk staat. Illustratief voor de zorgen met betrekking tot de toegang tot het recht in Nederland zijn de verschillende moties die door de Eerste Kamer zijn aangenomen. In januari van dit jaar werd duidelijk dat staatssecretaris Teeven de bezuiniging op de rechtsbijstand wilde doorzetten, ondanks de kritiek daarop van de Eerste Kamer. In februari 2015 besloot het kabinet dat oud-burgemeester Wolfsen van Utrecht voorzitter moest worden van de commissie die momenteel onderzoek doet naar de kostenstijging bij de gesubsidieerde rechtsbijstand. (meer…)

Democratie en Selectie van Rechters

demokratie-1536654_960_720Philip Langbroek

De afgelopen verkiezingen voor de Provinciale Staten werden wel gezien als een test voor het huidige kabinet. Dit omdat de Provinciale Staten de Leden van de Eerste Kamer kiezen. De verkiezingen gingen gepaard met een debat over het afschaffen van de Eerste Kamer. Politici van één van de coalitiepartijen hebben namelijk gepleit voor afschaffing van de Eerste Kamer, omdat de Eerste Kamer wetsvoorstellen definitief kan blokkeren. Omdat de indirecte verkiezing van dit orgaan niet gelijktijdig plaatsvindt met de verkiezing van de Tweede Kamer, zijn de regeringspartijen die een meerderheid hebben in de Tweede Kamer afhankelijk van minderheidssteun in de Eerste Kamer. Dit kan moeilijkheden opleveren voor de (coalitie)partijen in de Tweede kamer die de regering steunen. Mensen die om deze reden afschaffing van de Eerste Kamer bepleiten, vergeten echter het idee van ‘checks and balances’ tussen de verschillende staatsorganen om zo tegenwicht te bieden aan de macht van de regering. Ook lijkt het alsof de kwaliteit van een representatieve democratie hen niet veel kan schelen, nu zij zich alleen druk lijken te maken om de effectiviteit van het besluitvormingsproces van de meerderheid. In plaats van de focus te leggen op meer effectieve besluitvorming (welke in het nadeel is voor een effectieve uitoefening van het stemrecht van burgers) zouden we ons moeten concentreren op de manier waarop we de democratische positie van burgers kunnen versterken. (meer…)