Tagarchief: EHRM

Protocol 16 EVRM: baat het niet, dan schaadt het ook niet?

Janneke Gerards

Scale-of-justice-question-mark

Op 1 augustus a.s. treedt Protocol 16 bij het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) in werking voor de eerste tien staten die het hebben geratificeerd. Dit zogenaamde Advies- of Dialoogprotocol roept een nieuwe procedure in het leven bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM), die wel wat wegheeft van de prejudiciële procedure in het EU-recht. Specifiek aangewezen nationale hoogste rechters krijgen de mogelijkheid om, tijdens een lopende procedure, het EHRM te vragen om advies over principiële vragen over de interpretatie en toepassing van het EVRM. Is dit nu wel of niet een goed idee? Lees verder

De civielrechtelijke sanctionering van schendingen van de beginselen van burgerlijk procesrecht

asser_procesrecht_1Ivo Giesen

Begin december 2015 verscheen in de Asser Procesrecht-reeks een deel van mijn hand over ‘Beginselen van burgerlijk procesrecht’ (Wolters Kluwer: Deventer 2015). Daarin bespreek ik, na enkele Algemene beschouwingen, de leidende beginselen van het civiele procesrecht, vanuit Nederlands en Europees perspectief. Gevoed door het onderzoek naar en de analyse van de zeven besproken beginselen van procesrecht, heb ik in die Algemene beschouwingen een hoofdstuk opgenomen over ‘Sanctionering na schendingen van een beginsel van procesrecht’. Ik ontdekte in mijn onderzoek naar die zeven specifieke beginselen namelijk al snel dat de sanctionering van schendingen van die beginselen (welke vrijwel altijd ook als mensenrecht beschermd worden door artikel 6 EVRM en artikel 47 Handvest EU) in Nederland nogal stiefmoederlijk bedeeld is. Het thema wordt niet tot nauwelijks besproken in de doctrine en veel specifieke regels (via wetgeving of rechtspraak) zijn er ook al niet. Mitsdien weten wij ons eigenlijk nauwelijks raad met de sanctionering van dit soort schendingen. Ik meen dat dit een slechte zaak is, dat er dus dringend verbetering nodig is en dat er – gelukkig – ook een oplossing beschikbaar is. Lees verder

Nederlandse hulp voor de Griekse civiele rechtspraak?

crisisgrEddy Bauw

In de verklaring die tijdens de Eurotop over Griekenland op 12 juli na 17 uur vergaderen tot stand kwam, stond één maatregel die minder aandacht heeft gekregen dan de andere (zware) eisen die aan dat land werden gesteld om in aanmerking te komen voor nieuwe leningen (Euro Summit Statement Brussels, 12 July 2015 (SN 4070/15)). Tot de maatregelen die Griekenland moet nemen, behoort:

the adoption of the Code of Civil Procedure, which is a major overhaul of procedures and arrangements for the civil justice system and can significantly accelerate the judicial process and reduce costs”.

Het lijkt op het eerste gezicht opmerkelijk dat een herziening van de procedure bij de civiele rechter zo’n prominente plaats heeft gekregen tussen de opgelegde bezuinigingen en economische hervormingen, zeker in het licht van de hectiek van de discussie tijdens die gedenkwaardige zondagnacht. Wat is het verband tussen deze maatregel en de Griekse schuldenproblematiek? Getuigt het niet van een ultieme Europese bemoeizucht om Griekenland nu ook al het civiele procesrecht voor te schrijven? Lees verder

Rechterlijke onafhankelijkheid voorlopig gehecht

ehrmLeonie van Lent

Zoals het een centrum van onderzoek naar rechtspleging betaamt, zijn in eerdere blogs al prangende vragen over de kwaliteit van de rechtsstaat en het functioneren van de rechterlijke macht de revue gepasseerd. Als er een onderwerp is waarin de hedendaagse pijnpunten van de Nederlandse rechtsstaat samenkomen, is het wel de voorlopige hechtenis. Hier werken het politieke veiligheidsdenken, het politiseren van de rechtsstatelijke waarborgen (Alex Brenninkmeijer, ‘Stresstest rechtsstaat Nederland’, NJB 2015, afl. 16, p. 1049), en publieke opinie op een bijzonder pijnlijke manier in op de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht, die kritische toetsing en de onschuldpresumptie moet waarborgen. Lees verder