Maandelijks archief: november 2018

Onafhankelijke rechtspraak bekostigen

Philip Langbroek

Nederland heeft in Blog Philiptermen van wettelijke regels een uitgebalanceerd systeem van financiering van de rechterlijke organisatie. Het is ingewikkeld. De begroting van de rechterlijke organisatie wordt bepaald door de productie van de rechtbanken, gerechtshoven, Centrale Raad van Beroep en College van Beroep voor het Bedrijfsleven. Per rechtsgebied worden verschillende tarieven gehanteerd. Meervoudige kamerzaken leveren veel meer op dan zaken die door een enkelvoudige kamer worden afgedaan. In dit blog betoog ik waarom het financieringssysteem van de rechterlijke organisatie gevolgen heeft voor het functioneren van rechters en gerechten, die uit constitutioneel oogpunt onwenselijk zijn. Dat zit hem in de wijze waarop het systeem van bekostiging is uitgewerkt en toegepast in de praktijk, zowel door het Ministerie van Justitie en Veiligheid, de Raad voor de Rechtspraak, de gerechtsbesturen en de rechters zelf. Het financieringssysteem is opgevat als een businessmodel, in plaats van als een transparant stelsel van verdeling van het budget voor de rechterlijke organisatie tussen de gerechten. Het valt daarbij op dat de rechterlijke organisatie door de regering en het parlement wordt behandeld als elke willekeurige andere overheidsdienst. Het advies van  staatsraad P.J.C.M. van den Berg over andere bekostigingsafspraken voor de rechterlijke organisatie brengt in deze situatie geen verandering en zal de grip van het Ministerie van Justitie en Veiligheid op de rechterlijke organisatie alleen maar versterken, als het wordt opgevolgd. Lees verder

Van pulp komt fictie: een aanwijzing bij het opstellen van wetgeving

Jacobien van Dorp & Jeroen Kiewiet

Blog Jeroen Jacobien Pulp Fiction

Waar de wetgever de taak heeft, in beginsel, algemene en abstracte regels in wetgeving op te stellen, is het de taak van de rechter deze toe te passen in concrete gevallen. Natuurlijk zijn de taken van de wetgever en de rechter daarmee te eenvoudig onderscheiden. Zo kan de rechter niet altijd zomaar de rechtsregels toepassen, maar moet hij deze eerst interpreteren. Dit leidt dan tot de vraag of de rechter louter regels toepast, of eerder aan rechtsvorming of rechtsvinding doet. Deze rechtsfilosofische discussie is gevoerd door onder anderen H.L.A. Hart, Ronald Dworkin en Paul Scholten. Zij stelden en beantwoordden de vraag naar de mate waarin de uitkomst in een concreet geval door rechtsregels bepaald wordt. En zij lieten zich uit over wat er voor de rechter bij komt kijken om in een concreet geval tot een uitkomst te komen. In deze blog verleggen we het perspectief. In plaats van het perspectief op de rechter en de vraag wat hij nodig heeft om tot een uitkomst te komen, richten wij ons op de problemen die samenhangen met het opstellen van heldere rechtsregels. Uiteraard is in de rechtswetenschappelijke literatuur de nodige aandacht aan dit probleem besteed, maar één punt verdient beslist meer aandacht. Het is zo dat de rechter soms gedwongen wordt tot het creëren van ficties in zijn uitspraak als gevolg van het woordgebruik door de wetgever in de wet. Over dit probleem buigen wij ons in deze blog. Lees verder

Using Guarantees of Non-Repetition to (Re)Frame Police Reforms

blog brianne

Brianne McGonigle Leyh

(The below blog is based on a draft article presented at the conference ‘Guarantees of Non-Recurrence: Transformative Police Reform’ on 5 November 2018 in Utrecht, the Netherlands)

Countries around the world grapple with how to address excessive police violence that violates human rights. For decades, scholars and practitioners have stressed the importance of establishing better relationships between police and the communities they serve and have adopted various ways to bring about real police reform that fosters relationships of trust. Community policingdemocratic policing, and problem-oriented policing are some of the ways in which police have sought to make this change. At the international level, Security Sector Reform (SSR) is the umbrella term used to describe reform programmes adopted in States where the security sector (namely the military, police, gendarmes, and militias) has become a source of insecurity. The current view of SSR is that it must be a transformative process built upon human security and democratic governance. Human security demands that the interests of the individual, rather than the State, should dictate security policy (Ball 2010). Democratic governance requires respect for human rights, rule of law and adherence to principles such as inclusiveness, transparency and accountability (OECD DAC 2005). The transformation of the security system requires all of relevant actors (police, politicians and civil society) to work together. Yet, whether in Ferguson, USA, Paris, France or Nairobi, Kenya, the gaps between the idealistic rhetoric and harsh realities of police/security practice are significant. As noted by Ball and Hendrickson, much of the work concerning police reform is ‘misleadingly optimistic about the prospects for change’ (p. 104). The consensus among scholars and practitioners is that SSR, and police reform in particular, has been extremely difficult to implement in large part because of mistrust, lack of accountability, and susceptibility to corruption. Given the slow progress on police reform initiatives, it may be useful to look to distinct but relevant fields to (re)frame police reforms. Guarantees of non-repetition (or non-recurrence as it is also referred to) from the post-conflict peacebuilding field offer a normative institutional policy framework built around human rights standards and State responsibility that could potentially shift the rhetoric to focus on State obligations that are context-driven. The language of and programming falling under guarantees of non-repetition could prove useful when addressing police reform; noting, however, that the success of any reform policy is ‘directly proportional’ to the State and communities’ enthusiasm for it (p. 35). Lees verder